
A fear not of God
Vrees niet, kleine kudde
Jezus heeft een menigte onderwezen over bezorgdheid, over mensen die wakker liggen over voedsel en kleding en schuren die te klein zijn voor hun graan. Tot Zijn discipelen, een kleine en onopvallende groep zonder rijkdom of macht, wendt Hij zich met ontroerende tederheid en noemt hen Zijn kleine kudde, en zegt hen niet te vrezen, omdat hun Vader zich verheugt in het geven van een koninkrijk.
“Fear not, little flock; for it is your Father’s good pleasure to give you the kingdom.”Luke 12:32
The moment
De angst waar Jezus hier op ingaat, is de lage, voortdurende bezorgdheid over voorziening, de vrees of er genoeg zal zijn, de soort angst die het leven van de meeste mensen stilletjes beheerst. Zijn discipelen zijn letterlijk een kleine kudde, weinigen in aantal, zonder middelen, die een rondtrekkende leraar volgen en zich ongetwijfeld afvragen hoe ze verzorgd zullen worden. Het is een kwetsbare positie. Schapen zijn een van de meest weerloze dieren, niet in staat om zichzelf te voeden of te beschermen, volledig afhankelijk van een herder. Door hen een kleine kudde te noemen, erkent Jezus hun kleinheid in plaats van het te ontkennen. De angst is reëel omdat ze werkelijk hun eigen toekomst niet kunnen waarborgen; ze zijn net zo blootgesteld als schapen op een open heuvel.
Why we need not fear
De reden dat de angst kan rusten, is niet dat de kudde sterk is, maar dat de Herder een Vader is die zich verheugt in het geven. Het is de goede wil van uw Vader, Zijn vreugde, om het koninkrijk te geven. De kleine kudde wordt niet slechts getolereerd, maar gekoesterd, en de gift die wordt aangeboden is niet slechts dagelijks brood, maar een heel koninkrijk. Angst kan worden neergelegd omdat Degene die hun toekomst in handen heeft, niet gierig of terughoudend is, maar blij is om te geven, en Hij geeft iets veel groters dan het voedsel en de kleding waarover ze zich zorgen maakten. Als de Vader het koninkrijk vrijelijk geeft, zijn de kleinere behoeften zeker ook veilig in Zijn handen.
How Christ answers this fear
Christus Zelf is de Goede Herder die Zijn leven geeft voor deze kleine kudde, en Hij is de Koning wiens koninkrijk de Vader zich verheugt in het geven. De kudde is veilig, niet omdat ze sterk is, maar omdat haar Herder liever sterft dan haar te verliezen. In Hem wordt de angstige vraag of er genoeg zal zijn voor altijd beantwoord, want degene die het koninkrijk heeft ontvangen, mist niets dat er uiteindelijk toe doet. Elke kleinere voorziening vloeit voort uit die vaste gift. De gelovige die geneigd is tot bezorgdheid, wordt uitgenodigd om op te kijken van de schuren en de budgetten naar het gezicht van een Vader die zich verheugde, ten koste van Zijn Zoon, om Zijn kleine kudde alles te geven.
Questions people ask
Wat betekent vrees niet, kleine kudde?
Jezus sprak tot Zijn kleine groep discipelen, die weinig rijkdom of zekerheid hadden, terwijl Hij hen onderwees over bezorgdheid over voorziening. Door hen een kleine kudde te noemen, erkent Hij hun kleinheid en afhankelijkheid, zoals schapen die een herder nodig hebben. Hij zegt hen niet te vrezen omdat hun Vader zich verheugt in het geven van niet alleen dagelijkse behoeften, maar een heel koninkrijk.
Waarom noemt Jezus de discipelen een kleine kudde?
De afbeelding van een kudde plaatst de discipelen als schapen, weerloze dieren die volledig afhankelijk zijn van een herder, en 'klein' benadrukt hoe weinigen en onopvallend ze waren. In plaats van hun kwetsbaarheid te ontkennen, benoemt Jezus het, en beantwoordt het door te wijzen op de blije vrijgevigheid van de Vader, die de kleine kudde veilig maakt ondanks haar zwakte.