Zes manieren om God hier te ontmoeten
Een tekst is niet alleen om te begrijpen; hij is om te leven. Kies hoe je God wilt ontmoeten in 1 Tessalonicenzen 2:5, en Het Levende Brood opent hem daar meteen.
De tekst in zijn verband
God ontmoeten in een vers begint met het horen waar het leeft, in de stroom van 1 Tessalonicenzen 2. Lees het langzaam, en laat de centrale tekst tot rust komen in zijn eigen verband.
3 Want onze vermaning is niet geweest uit verleiding, noch uit onreinigheid, noch met bedrog;
4 Maar, gelijk wij van God beproefd zijn geweest, dat ons het Evangelie zou toebetrouwd worden, alzo spreken wij, niet als mensen behagende, maar Gode, Die onze harten beproeft.
5 Want wij hebben nooit met pluimstrijkende woorden omgegaan, gelijk gij weet, noch met enig bedeksel van gierigheid; God is Getuige!
6 Noch zoekende eer uit mensen, noch van u, noch van anderen; hoewel wij u tot last konden zijn als Christus' apostelen;
7 Maar wij zijn vriendelijk geweest in het midden van u, gelijk als een voedster haar kinderen koestert;
Het web van de Schrift eromheen
Waar deze tekst weerklinkt door heel de Bijbel, uit de kruisverwijzingen-graaf, 14 verbonden Schriftplaatsen. Elk is een deur om God ook daar te ontmoeten.
- Romeinen 1:9
Want God is mijn Getuige, Welken ik diene in mijn geest, in het Evangelie Zijns Zoons, hoe ik zonder nalaten uwer gedenke;
- 2 Korintiërs 12:17
Heb ik door iemand dergenen, die ik tot u gezonden heb, van u mijn voordeel gezocht?
- Handelingen 20:33
Ik heb niemands zilver, of goud, of kleding begeerd.
- Galaten 1:20
Hetgeen nu ik u schrijf, ziet, ik getuig voor God, dat ik niet lieg!
- 2 Petrus 2:3
En zij zullen door gierigheid, met gemaakte woorden, van u een koopmanschap maken; over welke het oordeel van over lang niet ledig is, en hun verderf sluimert niet.
- 1 Tessalonicenzen 2:10
Gij zijt getuigen, en God, hoe heilig, en rechtvaardig, en onberispelijk wij u, die gelooft, geweest zijn.
- 2 Korintiërs 7:2
Geeft ons plaats; wij hebben niemand verongelijkt, wij hebben niemand verdorven, wij hebben bij niemand ons voordeel gezocht.
- 2 Petrus 2:14
Hebbende de ogen vol overspel, en die niet ophouden van zondigen; verlokkende de onvaste zielen, hebbende het hart geoefend in gierigheid, kinderen der vervloeking;
- 1 Petrus 5:2
Weidt de kudde Gods, die onder u is, hebbende opzicht daarover, niet uit bedwang, maar gewilliglijk; noch om vuil gewin, maar met een volvaardig gemoed;
- Titus 1:7
Want een opziener moet onberispelijk zijn, als een huisverzorger Gods, niet eigenzinnig, niet genegen tot toornigheid, niet genegen tot den wijn, geen smijter, geen vuil-gewinzoeker;
- Openbaring 18:12
Waren van goud, en van zilver, en van kostelijk gesteente, en van paarlen, en van fijn lijnwaad, en van purper, en van zijde, en van scharlaken; en allerlei welriekend hout, en allerlei ivor…
- Spreuken 20:19
Die als een achterklapper wandelt, openbaart het heimelijke; vermeng u dan niet met hem, die met zijn lippen verlokt.
- Jesaja 30:10
Die daar zeggen tot de zieners: Ziet niet; en tot de schouwers: Schouwt ons niet, wat recht is; spreekt tot ons zachte dingen, schouwt ons bedriegerijen.
- Spreuken 28:23
Die een mens bestraft, zal achterna gunst vinden, meer dan die met de tong vleit.
Meer om God te ontmoeten in 1 Tessalonicenzen
Hoe het naar Christus wijst
Heel de Schrift leidt naar Jezus. Ontmoet Jezus en vind Hem zelf.